De natuur in

Bos

Ik zou liegen als ik zei dat ik een natuurmens ben. Natuurlijk, ik realiseer me best dat het goed is als er tussen de huizen zo hier en daar wat bomen staan en er moet ook een veldje zijn waar honden kunnen poepen, maar dan is het wat mij betreft wel klaar. Liever een screensaver van een lommerrijk tuintje, dan een echte tuin die gemaaid en gewied moet worden; liever een gezellige multicultiflat in de bijlmer, dan een pittoresk huisje in het bos.

Er is eigenlijk maar xc3xa9xc3xa9n ding dat ik nog vervelender vind dan in de natuur vertoeven, en dat is bewegen. Daarom viel het advies van mijn coach me ook zo rauw op m'n dak:

'Ga lekker naar buiten! Elke dag een wandelingetje of een stukje fietsen, daar zul je van opknappen', zei ze, nadat ik voor de derde achtereenvolgende week hoestend en hijgend bij haar was neergeploft. De Mexicaanse Vogelgriep had me godsgruwelijk te grazen genomen: een week met hoge koorts in bed en sindsdien een horrorhoest die nooit meer overgaat en een totaal gebrek aan energie. Er moest kortom ingegrepen worden.
'Je boft dat je in Hilversum woont,' zei ze monter, 'welke kant je ook opgaat, je bent altijd binnen tien minuten in een bos of op de hei'. 

En dus stapte ik vanmiddag op de fiets en reed Hilversum uit.
Ik volgde een lange, rechte weg met links van mij druk autoverkeer en rechts een bos. Nadat ik met succes drie of vier mogelijkheden om het bos in te rijden had genegeerd, kwam ik op een punt waar de weg overging in ofwel een oprit naar de snelweg, ofwel een fietspad het bos in.
In godsnaam dan maar.

Uit alle macht probeerde ik te genieten van het natuurschoon. Wat een varixc3xabteit aan kale bomen! Bomen die rechtop staan; bomen die omgewaaid zijn; bomen met veel takken; bomen met niet xc3xa9xc3xa9n, maar twee stammen… Er was zelfs een boom met een vogel erin!

Na een minuut of vijf zag ik een bankje en besloot te pauzeren.
Beetje twitteren, paar foto's maken, met verbijstering kijken naar een middelbare mevrouw in een rood trainingspak die hijgend langs kwam joggen met een koptelefoon op haar hoofd. Onbegrijpelijk: een aanranding door de plaatselijke bospsychopaat waiting to happen!

Vlakbij stond een paal met informatiebordjes. De teksten stelden me bepaald niet gerust. Ze hadden betrekking op 'Grote Grazers' die kennelijk het bos bevolkten.
Wanneer je het ongeluk had een of meer (ze schijnen vaak in kuddes te opereren) van deze creaturen tegen te komen, dan moest je:

-terugkeren of er in een grote boog omheen lopen
-ze onder geen beding voeren of proberen aan te raken
-wat er ook gebeurt: ze nooit maar dan ook nooit in de ogen kijken (denk Bokito).

Ik had het bordje nog niet gelezen of achter me hoorde ik wreed gesnuif en iets wat ik het best kan omschrijven als het schrapen van dierenklauwen over droge bosgrond.
In een fractie van een seconde greep ik m'n fiets en scheurde met een noodgang het bos uit, terug naar de autoweg. Een ouder echtpaar, doorgewinterde backpackers in ANWB-outfit, kon nog net op tijd wegspringen, het ruiterpad op.

En toen, ik zal het moment nooit vergeten, reed ik het bos uit. Ik was in veiligheid! Het chroom van auto's, glimmend in het vroege lentelicht: is er iets mooiers?

Morgen moet ik er weer aan geloven, maar dan neem ik een andere, minder gevaarlijke route.
Loopt er eigenlijk een fietspad langs de A1? 

 

 

 

 

De kleine middenstander

Patatzak 

Ik had een lampje nodig voor de schemerlamp van m'n oudste dochter en dus ging ik naar de Blokker. Het lampje had ik zo gevonden, maar toen viel m'n blik op een pedaalemmer van Brabantia en om onverklaarbare redenen moest ik ineens denken aan opa Arie.

Deze wonderbaarlijke man – de grootvader van mijn echtgenoot – is 95 en de koning van Velsen-Noord. Hij heeft het ouderenwerk in die gemeente opgezet en doet daarnaast alles wat in zijn vermogen ligt om de boel leefbaar te houden. Exc3xa9n van z'n credo's is dat je goed moet zorgen voor je middenstand: als de kleine winkeliers verdwijnen, dan verdwijnt het hart uit je dorp. Dus als opa Arie – ik noem maar wat – een lampje nodig heeft, dan gaat hij naar het lampenwinkeltje in het dorp. En als het juiste peertje besteld moet worden, dan wacht hij daar liever een week op dan dat hij het gaat halen bij V&D of Blokker.

Plotseling bezield door een groot maatschappelijk bewustzijn, legde ik het lampje terug in het schap en verliet ik de Blokker om over te steken naar het kleine winkeltje in elektronica en aanverwante benodigdheden dat er recht tegenover ligt.
Een keurige winkel, met zwart stoffen vloertegels en glazen planken vol koffiezetapparaten, eierkokers en wekkerradio's. Achter de toonbank een oudere heer in een net pak. 'Wat mag er van uw dienst zijn?'

Ik liet m'n kapotte lampje zien. De winkelier pakte het aan, bekeek het aandachtig en begaf zich toen naar een witte ladenkast. Hij trok een la open en pakte er een nieuw lampje uit, dat hij voor me neerlegde: 'Dit moet hem zijn, dat is dan 4,95.'

Daar schrok ik van. Ik besloot open kaart te spelen en zei: 'Maar bij de Blokker hiertegenover kost hetzelfde lampje maar 2,45.'

De man gaf geen krimp, dus ik voegde eraan toe: 'U bent twee keer zo duur!'

Toen knikte de winkelier en zei: 'Ja, dat kan wel wezen, maar dan maken ze er bij Blokker dus geen winst op.'

Nee. Vermoedelijk niet. Bij Blokker gaan ze ervan uit dat je voor een lampje komt en dat je bij de kassa eindigt met naast het lampje een set mokken met bloemenprint, een fleece teeveeponcho en een patathouder van aardewerk in de vorm van een puntzak. Dan hoef je geen winst te maken op dat lampje.

Ik rekende 5 euro af en verliet de winkel, maar zonder het verwachte gevoel van voldoening dat ik had gehandeld in de geest van de onvolprezen opa Arie. Eigenlijk dacht ik alleen maar dit: die winkelier kan net zo goed 2,45 rekenen voor het lampje en een collectebus onder je neus houden voor een vrijwillige bijdrage aan het project 'Red de Kleine Middenstand'.

Het is maar geld… MAAR WEL VEEL!

Zakkenroller Bruegel

Ooit was ik een blijmoedig mens, goed van vertrouwen, de medemens immer met een warme glimlach tegemoet tredend. 

Dat is nu veranderd. Ik kijk bij elke derde stap over m'n schouder, schrik van m'n eigen schaduw en vermijd oogcontact met voorbijgangers. 

Dat komt doordat ik ben beroofd.

Het gebeurde tijdens de ochtendspits op NS Station Hilversum (mijdt die plek, mensen!), op perron 5, terwijl een nietsontziende menigte forensen elkaar de trein in en uit probeerde te vechten. Ik ontdekte het pas uren later, toen ik voor m'n lunchpauze een broodje wilde halen: portemonnee weg!

Hoe ik zo precies weet dat het tijdens het ochtendgedrang is gebeurd? Heel simpel: om 8.43 kocht ik met m'n bankpas een kaartje bij de pinautomaat, om 8.46 stapte ik in de trein en om 9.00 uur is er 1250 euro gepind met mijn pas. In Hilversum. Niet door mij dus.

Inmiddels weet ik dat ik op geen stukken na de enige ben die dit overkomt. De werkwijze is overbekend, ook bij politie en bij de NS: terwijl je een kaartje pint bij de automaat, bemachtigt een bende professionals (uit Oost-Europa afkomstig) je pincode. Daarvoor hoeven ze helemaal niet mee te kijken. Er zijn minimaal vier manieren waarop ze die code kunnen aftappen terwijl jij met je hele lichaam meekijken probeert te verhinderen. Zendertjes, tape op de toetsen, het pinnen filmen met een telefoon vanaf een afstandje en dan inzoomen op wat je precies deed, of zelfs helemaal niet je pincode jatten want ook zonder dat kunnen ze je pas gebruiken. Zie daarvoor deze tip.

Verder is het een kwestie van de portemonnee uit je tas halen als je toch al door een horde woedende treinreizigers wordt belaagd en dan trekken ze binnen tien minuten je rekening leeg bij een van de pinautomaten op of rond het station.

De NS vertikken het overigens al jaren om camera's op te stellen bij de kaartjesautomaten en van waarschuwingen aan de reiziger is ook geen sprake, in elk geval niet op station Hilversum.

De politie was er snel mee klaar. Binnen een week kreeg ik een brief: te weinig gegevens om mee te kunnen rechercheren. Uiteraard probeer ik mijn geld terug te krijgen van de Fortis/ABN-Amrobank. Onthoud die naam, mensen, die komt hier binnenkort terug als ze ofwel uitbetalen (en dus een geweldig klantvriendelijke bank blijken te zijn) of dat niet nodig vinden (dan is mijn toon anders).

Vooralsnog ga ik ervan uit dat het wordt vergoed. En wat het politiewerk betreft: misschien moet ik zelf maar met een camera gaan rondhangen bij de kaartjesautomaten in de stationshal en verdachte sujetten filmen. Al zou het ze alleen maar afschrikken en ze xe9xe9n keer ervan weerhouden om iemand te beroven, dan is het tenminste niet voor niets geweest.

Gelukkig zijn er ook goede mensen. Daarover in mijn volgende blogpost meer.

Informatie

Pilmans

Het speelde al jaren bij het Kruidvat: hoe onderscheiden we ons van de concurrent, ik noem een Etos, een Marskramer, een DA-drogist? En toen zag iemand in de hogere regionen van het Kruidvat-marketingteam het licht: we gaan een stukje extra service naar de klanten toe bieden!
Hoe? Door bij de kassa Deskundig Advies Op Maat geven! En wel zo, dat de klant bijna gaat twijfelen: ‘ik was toch niet bij de apotheek? Ik bedoel: ze weten er zoveel van, heb ik hier misschien te maken met Geschoolde Geneesmiddelverkopers!’

Verkoopsters (nog nooit een man bij het Kruidvat zien werken) werden op cursus gestuurd. Ze kregen een multomap met gedetailleerde beschrijvingen van de thuiszorgmiddelen die het Kruidvat verkoopt. Ze ondergingen toetsen over de verschillende deelgebieden (verkoudheid, pijnstiller, anticonceptie, laxeermiddelen en voedingssupplementen); en ze namen deel aan zware rollenspellen met acteurs die de diverse soorten klanten uitbeeldden (oud, jong, handicap, taalachterstand, agressief, dociel).

Na het examen (en eventueel herexamen) werd de verkoopster in het diepe gegooid. En ik denk, nee ik weet zeker, dat ik daar vandaag getuige van was.

Het ging zo: ik stond in de rij voor de kassa van het Kruidvat. Er was xe9xe9n mevrouw voor me. Ze rekende de volgende producten af: een pakket met vier tubes Prodenttandpasta, een zak paaseitjes en een doosje paracetamol.
De betaling had plaatsgevonden, de mevrouw stopte de aankopen in haar boodschappentas, en toen deed de verkoopster ‘net dat beetje extra service’.
Ze vroeg: ‘wilt u nog informatie over de geneesmiddelen?’

De vrouw keek haar bevreemd aan. ‘Hoe bedoelt U?’

De cassixe8re zei: ‘Wilt u informatie over de paracetamol?’

Je zag de vrouw denken: verdorie! Er is iets aan de hand met paracetamol. Het heeft in alle kranten gestaan, maar ik heb het gemist. Er zijn doden gevallen. Je mag het gebruiken maar dan moet je verdomd goed weten hoe of wat!
Dus ze zei: ‘Ja ik wil graag informatie!’

Waarop de cassixe8re zei: ‘Daarvoor kunt u het beste de bijsluiter lezen. Die zit in het doosje.’

Kijk, en daarin onderscheidt zich het Kruidvat van al die andere drogisterijen.

Bij de EHBO

 

Rontgen_2

Waar kun je het nieuwe jaar beter beginnen dan bij je (schoon)familie of bij de Eerste Hulppost. Wij besloten dit jaar tot een combinatie van die twee.

Oudste dochter had haar teen gestoten en tijdens ons bezoek aan Menno’s ouders in Beverwijk werd de pijn zo ondraaglijk, dat opa ons trakteerde op een bezoek aan het Rode Kruisziekenhuis.

Ik kan het iedereen aanraden. Voor de prijs van een bekertje koffie, mag je de hele middag onbeperkt mensenkijken. En geloof me, er valt genoeg te zien.

Zo hadden we de zo goed als overleden meneer die door z’n vrouw met ongelooflijk veel moeite in een stoel werd gehangen, waarbij hij telkens overeind kwam, het lapje voor z’n oog wegtrok en gromde: Ik kan wel staan hoor… (uiteindelijk bleek z’n vrouw degene te zijn die de dokter moest bezoeken).

Ook was er het kleine jongetje dat luidkeels bij de balie uit de doeken deed waarom z’n armpje in het verband zat: Ik was bij opa en oma en toen wou ik televisie kijken en toen viel de stoel en toen was het velletje van m’n arm stuk en het is een stoute stoel en nu gaat oma de stoel weggooien!

En er was de blonde reuzin die met haar moeder samen een baby kwam laten zien aan de dokter. Ze hield een dreunende tirade over de misstanden in de huisartsenzorg (vroeger kwxc3xa1men ze als je een ziek kind had). Ze had al dagen geprobeerd haar baby bij de dokter te krijgen maar het kind had slechts 39 graden koorts en pas bij 41 mocht ze ermee komen. En wat als het nou De Griep was, wat dan? Ja? Ja?
De zuigeling in kwestie sliep intussen als een roosje op de armen van z’n oma. Op een gegeven moment werd hij wakker: een montere, frisse baby die er absoluut niet ziek uitzag.

Toen mochten wij naar de behandelkamer.

Ruim drie uur later verlieten we het ziekenhuis. Op weg naar de uitgang kwamen we de reuzin weer tegen. Ik vroeg hoe het was gegaan. Ze was apetrots: ‘De dokter zegt dat hij het Zesde Zintuig heeft!’
Ze liet het foldertje zien dat ze had meegekregen. De baby bleek de ‘zesde ziekte’ te hebben, een van de vele vlekjesziekten die kinderen tegenwoordig krijgen.

Onze Sophie heeft geen zesde zintuig. Maar wel een gebroken teen. (Zie foto, het is het meest linkse teentje: net boven de groeischijf zie je aan de rechterkant een zwart streepje, dat is de breuk.)

Google-Ads: zout in de wonde

Doffe ellende bij de kranten. Gelukkig reikt Google-Ads de helpende hand: voor ontslagen werknemers is er de HBO-opleiding; voor werkgevers zijn er de ontslagadviezen…

Ads

39

Voet

Het leven is vol onzekerheden, maar xc3xa9xc3xa9n ding is boven alle twijfel verheven: ik heb schoenmaat 39.
Weten welke maat schoenen je hebt, geeft houvast. Je kunt elke schoenwinkel binnenlopen en dan weet je dat je bij het rek met ’39′ moet zijn. (Ik koop alleen in de uitverkoop en dan hebben ze de schoenen altijd op maat uitgestald.)

Het is ook handig als je online koopt, op Marktplaats bijvoorbeeld. Daar kun je je zoekopdracht op afstemmen: ‘laarzen Esprit 39′. En dan verschijnen een paarhonderd foto’s van laarzen in verschillende stadia van bruikbaarheid, allemaal in mijn maat. Uitkiezen en bieden maar!

Vorige week bood ene Anke op Marktplaats een paar leuke, bruine schoenen aan van Van Dalen: ‘maat 39, niet gedragen, bieden vanaf 10 euro’.
Ik bood 10 euro en kreeg vrij snel bericht dat ik ze daar wel voor mocht hebben.
Geld overgemaakt en een paar dagen later stond de TNT-bezorger (een Marokkaan met een Arsenal-sjaaltje, dat vond ik grappig) op de stoep met een zorgvuldig dichtgetapete doos.

Gretig rukte ik de doos open en vond de bestelde bruine schoenen: fonkelnieuw, helemaal goed. Dus ik trok ze aan…

Te groot!
Ik kon echt minimaal een duim tussen m’n hiel en de schoen steken.
Schoen uit, omkeren en wat bleek: er stond geen 39 op de zool, maar 40. VEERTIG!

Meteen naar de computer gelopen en daar tikte ik dit mailtje:

Hoi Anke,
Wat maak je me nou: de schoenen zijn helemaal niet maat 39, het is maat 40! Staat ook op de zool…
En nu?

Binnen een kwartier kreeg ik dit verbijsterende antwoord:

Hoi,
Klopt, staat 40 op maar valt toch echt als 39. Ik heb zelf dus ook 39 en de 39 van deze schoen viel als een 38.
Gr. Anke

Ze wxc3xadst het niet alleen, ze praatte het goed! De schoenen zijn niet te groot, mijn voeten zijn te klein! Zelf heeft ze maat 39 en die klopt wel. Zeg maar de ijkmaat 39.

En dus mailde ik terug:

Tja, ik heb maat 39 en ze zijn me duidelijk te groot.  
Misschien vallen ze als een kleine 40 of 39,5, maar zeker niet 39.
Dat had je dan beter in de advertentie kunnen zetten. Zoals je het nu hebt gedaan klopt het gewoon niet.
Marina

Waarop ik dit antwoord kreeg:

Onder 40 hoorde hij helemaal niet thuis, want daar is de schoen gewoon te klein voor. Ik heb maat 39 en qua maatstelling pasten ze mij prima.
Anke

Maatstelling! Je zit fout dus dan ga je rare dure woorden gebruiken om de tegenpartij af te bluffen.
De maatstelling deugt, dus het ligt toch echt aan mij en mijn rare, afwijkende voeten.

Ik heb het er natuurlijk bij gelaten. Hier ga je het toch niet over eens worden.

Die schoenen breng ik wel een keer naar de tweedehandswinkel.
Het is namelijk ondenkbaar dat ik ze ga dragen, ook niet met een inlegzooltje of met een dikke maillot erin.
Waarom?
Omdat ik al xc3xa9xc3xa9n keer in m’n leven van 39 naar 40 ben gegaan en dat wens ik dus echt Nooit Meer Mee Te Maken!

Laat mij in xc3xa9xc3xa9n opzicht altijd 39 blijven…

Uit met Anna

Pizza_2

Dit was het plan:
Anna (9) en ik zouden de trein nemen naar Amsterdam. Vanaf CS al winkelend naar Tuschinsky. Daar had ik kaarten gereserveerd voor de nieuwe Pixarfilm, UP (in 3D).
Na de film zouden we op het Rembrandtplein bij een van de pizzeria’s eten.
Daarna tram, trein, naar huis, klaar: en een onvergetelijke moeder-dochterervaring kan worden bijgeschreven in het familiealbum.

Alleen ging alles anders.

Op station Hilversum bleek er geen rechtstreekse verbinding met Amsterdam te zijn wegens werkzaamheden.
Ter plekke het plan veranderd: we gingen naar Utrecht. Daar zou UP ook vast wel draaien.

De trein naar Utrecht had onderweg een stroomstoring van een kwartier (deuren gingen niet meer open) en kwam vlak voor de bestemming langdurig voor een rood sein te staan. Het plan om winkelend naar de bios te lopen, moesten we laten varen.
Het is bijna bewonderenswaardig hoe hard ze bij de NS hun best doen om je dag te verzieken!
In Utrecht bleek het keihard te regenen. (Ik verdenk de NS ervan dat ze daar ook de hand in hebben. Gewoon, omdat je nog niet loopt te schreeuwen van onmacht en frustratie, er nog even een flinke regenbui tegenaan gooien…)

Tot op het bot doorweekt kwamen we aan bij de Rembrandtbioscoop, waar UP draaide.
Zonder kleerscheuren kwamen we door de film heen. Leuke film trouwens, aanrader. Mooi gegeven: een oude man en een kind trekken samen een huis door een onherbergzaam landschap. Belaagd door honden, een oude ontdekkingsreiziger, een rare vogel… affijn, dat terzijde.

Toen we de bioscoop verlieten zei ik: ‘ziezo. Nu gaan we een Italiaan zoeken.’
Anna aarzelde. Ze zat nogal vol, zei ze, met hamka’s, twix en twee flessen ice-tea.
Wat ze dan wilde?
Nou eigenlijk… konden we niet eerst naar Hilversum terug en dan dxc3xa1xc3xa1r een restaurant zoeken? Dan had ze misschien wat meer trek… en dan waren we ook al wat dichter bij huis…

Tuurlijk. Flexibiliteit is mijn handelsmerk. Dus op, naar de trein, naar Hilversum.
Onderweg zocht ik op internet een paar pizzeria’s in Hilversum op. Ik vond er drie tussen het station en ons huis.
In Hilversum bleek het nog veel harder te regenen dan in Utrecht. We ploegden op onze fietsen door het opspattende water naar de Groest. De Pizzeria die daar volgens internet zou moeten zijn, was inmiddels een Chinees geworden.
Door naar de Emmastraat. Het aldaar beloofde authentiek Italiaanse restaurant bleek uitgekleed tot een klinische afhaal-pizzeria.

‘Dit is niks’ zei ik tegen Anna. ‘Hier kun je alleen meenemen voor thuis.’
Anna had al minutenlang niets gezegd. Weggedoken in haar jas, met haar pet diep over haar ogen getrokken, volgde ze mij op mijn queeste naar een salamipizza.
‘Door naar de Havenstraat dan maar!’ riep ik terwijl het water van mijn drijfnatte haar mijn kraag binnenstroomde.
‘Mamma,’ zei ze toen zachtjes, ‘kunnen we… ik bedoel: heb je nog pizza’s in de vriezer?’

Ik stopte zo abrupt dat we bijna allebei slipten. ‘Maar wil je dan naar huis???’
‘Alleen als jij dat ook wilt…’

En zo gingen we naar huis.
Terwijl Anna haar natte kleren verruilde voor een pyjama, dekte ik de tafel alsof we in een restaurant waren. Ik kleedde de Utker Big American Supreme pizza’s aan met extra salami en kaas, zette brood en kruidenboter neer, maakte een salade en schonk wijnglazen vol (voor mij wijn, voor Anna water). Kaarsen aan, Mercedes Sosa in de stereo en toen zaten we tegenover elkaar en proostten.

Nergens zijn de pizza’s zo lekker, zei Anna. En de stoelen. En de muziek. En dat je in je pyjama mag eten. En water in een wijnglas. Eigenlijk is het enige verschil dat er geen ober is.
En die misten we geen van beiden.We waren het erover eens dat dit het ultieme dagje uit was, inclusief thuis eten.

Het enige dat mij een beetje dwars zit, is dat we die film eigenlijk net zo goed in de Hilversumse Citybioscoop hadden kunnen zien. Ik denk dat dat onze volgende date wordt: naar de bioscoop wandelen en daarna thuis eten.

Of nee, laat die hele bioscoop toch zitten: dvd huren en daarna een ovenpizza eten. Klaar!

Vuilnisreportage

Sicili

‘Ik ga voor Happinez naar Sicilixc3xab voor een wellnessreportage’ vertelde ik aan mijn oud-hoofdredacteur die samen met zijn vriendin op een feestje bij mij thuis was.
Tamelijk kinderachtige opschepperij: In de twaalf jaar die ik voor hem werkte, had het werk me nooit verder gevoerd dan een industrieterrein aan de rand van Assen. Overigens is dat met het openbaar vervoer net zo lang reizen als Sicilixc3xab per vliegtuig, alles is betrekkelijk.

Zijn vriendin verstond me verkeerd en knikte begrijpend: ‘Een vuilnisreportage. Daarvoor kun je prima naar Sicilixc3xab’. Zij kwamen er net vandaan en hadden vastgesteld dat het een arm, vies, door de Mafia gecorrumpeerd deel van Italixc3xab is.

Kort daarna besloten we op de redactie dat er te veel haken en ogen aan het wellnessplan op Sicilixc3xab zaten. We boekten de tickets om naar iets anders over een paar maanden en dat was dat.

En dus vloog ik niet afgelopen woensdagavond naar Catania. Donderdagochtend werd ik niet in een zwavelhoudend modderbad gedoopt, noch werden mijn behoorlijk stijve schouders liefdevol onder handen genomen door een gediplomeerd masseuse. In tegendeel: ik bracht door de stromende regen mijn kind naar school en kwam tot op het bot doorweekt aan op de redactie. ‘Waar heb ik deze straf aan te danken!’ klaagde ik tegen de collega’s. Zij wisten het ook niet.

Even later zag ik op internet dat er een ramp had plaatsgevonden op Sicilixc3xab. Mensen die met auto en al weggespoeld zijn en verdronken. Precies op de route waar wij ons hadden bevonden, als we de plannen niet hadden gewijzigd. Geen luxe modderbaden, maar een helse modderstroom! Inmiddels is er sprake van vijftig doden.

Natuurlijk, een treinreis naar Assen is ook niet zonder gevaren, maar toch…